|
Zachte kracht vanuit stroming; moeiteloos bewegen vanuit je kern.
“Als woelig water tot rust komt, wordt het langzaam helder. Als iets traag in beweging komt, komt het langzaam tot leven”. Lao Tse Oefeningen van het tweede centrum (svadhisthana) brengen beweging vanuit stroming (water) die voortkomt uit de dynamiek benen, bekken, onderrug. Je duwt de voeten in de mat en verzamelt kracht in het bekken door de benen er naartoe te trekken. Door deze neerwaartse en opwaartse beweging (tegenbeweging) worden de benen licht. Vanhieruit kan je vanuit een fijne gewaarwording in de benen, een centrering in het bekken en de onderrug, in beweging gaan. De centrering in het bekken stroomt door in de benen naar beneden, en vanuit de onderrug ook naar boven door de wervelkolom. De schouders, de nek en het hoofd zijn ontspannen. Je bent goed gecentreerd bij jezelf, kan je vanuit je kern uit de zwaarte van het lichaam tillen en met een fijne gewaarwording moeiteloos in beweging gaan. Je treedt het nog onbekende in vrijheid, met vertrouwen en stabiliteit tegemoet. De heldere voorstelling met stevigheid in het bekken, een doorstroming in de benen en de wervelkolom zorgt voor een ontspannen klaarheid en lichtheid bij het hoofd. Het denken wordt vrijer; er openen zich mogelijkheden (6de centrum ajna-projectievrije bewustzijn). Hierin komt een gezonde wilskracht vanuit een fijne gewaarwording tot uiting. Je beweegt vanuit zachtheid en stroming, vrij van dwang, voorbij de weerstand. Het stelt je in staat om in elk moment bewuste en vrije keuzes te maken, zacht verbonden met jezelf en jouw omgeving. Je gaat in beweging vanuit jouw ‘zijn’, jouw talent en dat gaat moeiteloos. Het klopt, je volgt je intuïtie. Dit is gunstig voor de fysieke, mentale en emotionele gezondheid.
0 Comments
Svadhisthana, het tweede centrum en het ontwikkelen van vertrouwen, gewaarwordingskracht en het innerlijk vormend vermogen.
Het tweede centrum bevindt zich in de onderbuik onder de navel, bij het heiligbeen, ook wel het sacraal centrum genoemd. Het is de krachtpool van het etherlichaam. Het is het gebied van de darmen en het element is water. Een gezonde darmwerking en goed werkend metabolisme is gunstig voor de immuniteit en het autonoom zenuwstelsel. Een goed ontwikkeld tweede chakra maakt dat je weet wat je wil, je kan je gevoelens goed uiten en je zit goed in je vel, je vertrouwt op je intuïtie. Ajna, het zesde centrum en de ontwikkeling van een projectievrije bewustzijnskracht. Het zesde centrum is gelegen tussen de wenkbrauwen bij de pijnappelklier (een kleine endocriene klier in de hersenen-melatonine hormoon). Bij het zesde centrum ontspan je de schouders, nek en hoofd en behoud je een vriendelijke klaarheid bij het gelaat. De blik is open in de ruimte gericht en je ademt goed door. Van daaruit krijg je een gevoel voor ruimte en lichtheid bij het hoofd. Je tilt je op uit een rigiede, piekerend dwangdenken en komt in een vrijere, projectievrije bewustzijnskracht. Dit stelt je in staat om creatief te denken, oordelen los te laten en onbevangen, vrij van de spanningen in het lichaam, te observeren. Het zesde centrum werkt samen met het tweede centrum met een mooie krachtige centrering onderaan vanwaaruit een dynamiek stroomt. Zo ben je krachtig met jezelf verbonden van waaruit je nog onbekende mogelijkheden kan ontdekken. Je wandelt moeiteloos en krachtig door het leven met een vrije en open blik. Met vertrouwen, vanuit je intuïtie en je diepe, pure zijn. Je leeft je levensmissie. Opmerking vooraf bij het vormen van de oefeningen. Je vormt de oefeningen steeds vanuit een voorstelling. De voorstelling stuurt, vanuit een overzicht, het gevoel en de beweging. Je vertrekt dus niet vanuit het lichaam zelf met zijn oude overtuigingen, emoties en beperkingen. Die aanvaard je en laat je zijn en je brengt de waarneming naar de gedachten die de oefening begeleiden en laat vanuit deze nieuwe gedachten, nieuwe gevoelens en een nieuw handelen (beweging) ontstaan. Zo kan het lichaam iets nieuw, opbouwend opnemen en kan je patronen die niet meer dienen loslaten. Je stemt het denken, voelen en willen (doen) harmonieus op elkaar af vanuit het nu. Je dwingt jezelf niet in de oefeningen maar doet dit met een vrije waarneming, vrij van het lichaam (lichter en klaarder). Je verliest jezelf niet in een streven maar je voert de oefeningen uit met respect voor de eigen mogelijkheden. Deze mogelijkheden kan je dan goed geconnecteerd met de voorstelling en het gevoel uitbreiden. Als je echter over je grenzen gaat, kan je de oefeningen niet meer volgens de voorstelling vormen en verlies je kracht, kom je in een uitputting. De reine voorstelling,vrij van projecties zorgt voor een gelouterd gevoel en een moeiteloos handelen. Je kan de houdingen mooi vorm geven vanuit vertrouwen. Je beweegt met gevoel en de vormgeving zelf geeft een nieuw vertrouwen. Zo ontdek je nieuwe mogelijkheden in jezelf. Begin de houding in de staande halve maan. Verticale dimensie met harmonische afstemming denken, voelen, willen * duw je voeten stevig in de mat en trek de benen aan naar het bekken (tegenbeweging) zodat je kracht en centrering voelt bij het bekken. Voel hoe de benen hierdoor lichter worden. --> gezonde wilskracht/daadkracht om de oefening vorm te geven* vanuit de centrering in het bekken en de onderrug vloeit de beweging door in een dynamische oprichting van de wervelkolom--> licht voelen * ontspan de schouders, nek en hoofd zodat de oprichting kan verder vloeien tot in en voorbij de armen. De armen dienen als hefboom van waaruit de wervelkolom zich nog beter kan oprichten. * houd de blik open in de omgeving en voel een klaarheid bij het gelaat en een lichtheid bij het hoofd --> licht denken * adem vrij --> Je hebt de oefening nu van onderen naar boven gemaakt (voeten-wervelkolom- hoofd). Ontspan en keer vervolgens de beweging van boven naar onderen om. Laat de waarneming van boven naar beneden over het lichaam glijden (hoofd-wervelkolom-voeten). Voel het verschil. Laat het lichaam naar voor hangen en ontspan. Diep in jezelf naar binnen gaan. * laat het bovenlichaam helemaal naar voren hangen, ook de schouders, het hoofd, de armen * laat alle spanning los
Recht de rug tot een bankje. * je rug vormt +/- een rechte hoek met de dijen en is recht
Strek de wervelkolom naar voren/beneden door tot in de armen. Diep uit jezelf naar buiten gaan, het nog onbekende tegemoet. Jezelf uit de zwaarte van het lichaam tillen via een vloeiende doorstrekking in de wervelkolom tot in de armen in de ruimte. Dit brengt openheid voor en vertrouwen in het nog onbekende met een uitbreiding van mogelijkheden, vrij van projecties. Je groeit als het ware over jezelf heen wat bevrijdend werkt.
Plaats eventueel de armen op de grond. Houd de spankracht vast en laat de spanningen zijn. Geleidelijk aan wijken de spanningen terug. Je staat vanuit je kern moeiteloos met spankracht, vreugde en veerkracht in het leven. Je leeft je leven vanuit je intuïtie en gewaarwording.
Keer terug in de staande halve maan. Gewaarwording van uit jezelf naar buiten gaan. * strek je naar voren uit en druk de buik in de richting van de dijbenen * de wervelkolom glijdt dynamisch naar voren en trekt zich samen in het onderste gedeelte ter hoogte van de onderrug met een vloeiende doorstrekking tot in de armen * ontspan de schouders, nek en hoofd * laat de beweging met lichtheid en intensiteit in de dynamiek ontstaan * adem vrij --> je hebt de cyclus tussen uit jezelf naar buiten gaan en in jezelf naar binnen ervaren. Er worden nieuwe mogelijkheden en keuzes die je met vertrouwen en vanuit intuïtie tegemoet gaat in je lichaam verankerd. Het eerste centrum bevindt zich in de bekkenbodem, bij het stuitje, de krachtpool van de levenskrachten. Je brengt het in balans door goed contact te maken met de aarde en kracht en stabiliteit te ontwikkelen in het bekken. Vanuit dit punt verbind je je via de benen en de voeten met de grond, de wervelkolom, het hoofd en met de ruimte om je heen.
In de vedische filosofie staat ‘Prana’ voor de universele levensenergie. In de Chinese geneeskunde spreekt men van het ‘Chi’, de universele levensenergie die je helpt om krachtig en energiek te leven. Het Ki punt bevindt zich drie centimeter onder de navel. Het zwaartepunt van je lichaam rust op deze plek. Een diepe buikademhaling is gunstig om deze levensenergie goed te laten stromen in het lichaam. Je ademt in via het punt in de onderbuik (4 tellen) en je ademt uit via het hart (6 tellen). Daarna stop je met ademen (8 à 10 tellen) om opnieuw te ademen via het Ki punt. Deze ademstroom geeft energie en een vriendelijke, zachte houding. Een goed ontwikkeld en actief eerste centrum geeft je een gevoel van veiligheid en vertrouwen en laat je toe om je ruimte daadkrachtig en vastberaden in te nemen. Het eerste centrum is verbonden met de wil, het handelen en beslissen. Beslis je om te handelen of niet te handelen? Durf je ja zeggen zonder twijfel als je voelt dat je ergens voor wil gaan? En hoe doe je dat dan vanuit een gezonde wilskracht, vrij van dwang? Het stelt je in staat om in elk moment bewuste en vrije keuzes te maken, daadkrachtig te handelen, zacht verbonden met jezelf en jouw omgeving. Als je je veilig voelt, krijg je sneller toegang tot jouw mogelijkheden en sta je levenskrachtig in het leven. Je beslist vanuit een gezonde wilskracht in overeenstemming met je pure zijn. Je maakt keuzes die jezelf en de mensen om je heen ten goede komen. Een vriendin van me waarmee ik wel vaker op dezelfde golflengte zit, formuleerde het toevallig zo mooi. Ik voeg haar passende quote hier graag even toe ter inspiratie. ‘Bewegen vanuit je kern creëert een veilig nest met oneindig veel mogelijkheden’. Dankjewel lieve Eveline dat ik deze hier mag delen! Herken je dit?
Je voelt het, je weet wat je wilt, het borrelt, het stuwt, het overvalt je, je voelt kracht, je wil het doen, … En dan, plots, uit het niets, houdt iets je tegen. Je begint te twijfelen, je voelt weerstand. Je begint te tollen in je hoofd en de onrust neemt het over. Stemmetjes, beperkende gedachten, angst, ongeloof, … Wat als het niet gaat lukken? Wat zullen anderen misschien wel van me denken? Wat maak ik mezelf nu weer wijs? Gaat dit niet te lastig worden?… Het gaat zo maar door. Je zit gevangen, je verliest moed en kracht. Je komt tot stilstand door al die afleiding en onrust of je zet jezelf onder druk om het vanuit dwang te doen, met alle gevolgen van dien. Wat als je beseft dat je kan kiezen. Blijf je in cirkeltjes draaien, verlies je moed en val je stil? Zet je jezelf onder druk en ga je in streefmodus (het moet perfect zijn)? Of neem je afstand en breng je jouw bewustzijn ernaar toe? Je merkt het op, bekijkt het, aanvaardt het en stopt met oordelen. De lading gaat eraf en beetje bij beetje voel je dat je weer wat ruimte krijgt. Je komt tot rust, de uitdaging lonkt… Durf jij je overgeven aan die stuwkracht en impuls die eerst zo helder naar je toe kwam? Durf je beslissen om te handelen en te kiezen voor dat wat je echt wil, als je helemaal trouw bent aan jezelf? Als je je gevoel volgt en rustig blijft, ontvouwt het zich helder, als vanzelf, en ontwikkel je de kracht om het gewoon te doen. Het gaat niet om het resultaat, wel om de weg ernaartoe. Je wil het, neemt je plaats in en kiest bewust voor wie je bent. Bewust kiezen in elk moment. Op de mat vertraag je en kan je het proces in het vormgeven van de oefeningen observeren, zonder te oordelen. De oefeningen van het bekkencentrum confronteren je met jouw wilskracht en diepste zijn. Kan jij je twijfels opmerken, bekijken, aanvaarden, erdoor gaan en de moed verzamelen om vanuit kracht en helderheid de oefening vorm te geven? Er ontstaat een klare voorstelling van de oefening, je gaat fijn voelen en geeft je met zelfvertrouwen over aan de beweging volgens je eigen mogelijkheden. De weg ernaartoe geeft kracht, je streeft niet naar perfectie. Dit heeft een gunstige werking op de fysieke, emotionele en mentale gezondheid. Er ontstaat rust en zachtheid, voorbij de weerstand en dwang. Je gelooft in jezelf en ontdekt nieuwe mogelijkheden, van binnenuit, zacht verbonden met jezelf en jouw omgeving. Je laat los wat niet meer dient en geeft je in veiligheid over aan dat wat op je pad komt. Voorbereiding van de oefening in staande positie
(armen naast het lichaam, voeten bij elkaar)
Deze voorstelling neem je mee in het vormen van de kniehef. Hierbij zal je op één been staan en vanuit de kracht/centrering in het bekken het andere been daadkrachtig in 1 beweging optillen. Je neemt je voor/beslist om de oefening daadkrachtig vorm te geven vanuit deze voorstelling. Misschien zijn er fysieke, mentale en emotionele spanningen. Die merk je op en laat je zijn. Je bekijkt ze vanop afstand en verliest jezelf er niet in. Je komt tot rust, ontspant en gaat terug naar de voorstelling van de oefening. Je behoudt overzicht en neemt je voor de oefening daadkrachtig vorm te geven, zonder dwang. - de voeten staan stevig op de mat - je tilt het linkerbeen zijwaarts op en grijpt het vast met je linkerhand (het been dat op de grond staat -rechter, staat stevig op de mat (voet in de mat duwen en kracht in het bekken verzamelen) - je rechterarm mag je opzij brengen om evenwicht te houden - je ontspant en verzamelt opnieuw kracht in het bekken in 1 punt (buik- en bilspieren aantrekken, standbeen (rechter) stevig in de mat duwen) (vanuit de ontspanning en de waarneming ontstaat de inspanning) - eventueel kan je je standbeen (rechter) eventjes licht buigen en dan hef je in 1 krachtige beweging het opgetilde been verder omhoog (kniehef) - je houdt de kracht in dit punt vast, je behoudt de concentratie bij de kracht in dit ene punt in het bekken en de kracht in de onderrug - je houdt de kracht vast gedurende 1 à 2 minuten (je been blijft goed opgetild) - de wervelkolom is recht, ontspannen en opgericht (niet in een kromming of naar achter leunend) - hoofd, nek en schouders zijn ontspannen - de blik is open in de ruimte - je blijft goed doorademen tot in de buik Effect van de oefening
Ondanks het feit dat je het lichaam hebt vastgenomen, kan je ervoor kiezen om vrij te blijven van de fysieke, mentale en emotionele spanningen die je afleiden van de oefening. Je kan de spanningen bekijken zonder oordeel. Je bekijkt het lichaam, de emoties en de gedachten vanuit een overzicht, zonder er in te gaan, zonder jezelf onder druk te zetten (dwang en streven). Je ontspant en vanuit deze ontspanning kan je rustig een voorstelling maken van de oefening. Zo ga je voorbij aan de weerstand, het streven en wijken de spanningen terug. Je blijft rustig en helder bij de voorstelling van de oefening. Er ontstaat een gevoel voor de oefening, vrij van dwang. Je voelt de impuls, het vertrouwen groeit en je wil de oefening maken. En dan beslis je daadkrachtig, zonder twijfel en niet vanuit een streven, om deze voorstelling via het lichaam vorm te geven (binnen de mogelijkheden van je fysieke lichaam). Dit vraagt moed. Je geeft je met toewijding (zonder dwang) bewust over aan de oefening. Je zet je in omdat je het wil. Hierdoor ontstaat fysieke, mentale en emotionele rust, en tegelijkertijd kracht. Er kan iets nieuw opgenomen worden en iets oud worden losgelaten. Het denken, voelen en handelen worden harmonieus op elkaar afgestemd. Vanuit de ontspanning, ontstaat de inspanning. Je kan merken hoe een verzameling in het bekken zorgt voor een wakkerheid en klaarheid bij het hoofd en de kruin (7de centrum-sahasrara), het centrum van pure potentie en lichaamsvrij bewustzijn. De inhoudelijke vormgeving van het leven (een 'ideaal' leven vanuit het hart) De ontwikkeling van het voelen van een innerlijk centrum in het hart. Wet van geven en ontvangen. Het hartcentrum is het centrum van de hartgevoelens zoals hartelijkheid, vriendelijkheid, rust, warmte, harmonie, aanvaarding, mildheid, compassie, dankbaarheid, toewijding, zelfvertrouwen, verbinding met jezelf, de medemens en de ruime omgeving. Vuur is het element van het hart en het hartcentrum wordt ook wel het zonnecentrum genoemd. Het hartcentrum gaat over de inhoudelijke vormgeving van het leven en de ontwikkeling van het voelen van een innerlijk centrum in het hart. Op de afbeelding zie je dat het hart het midden vormt tussen boven en onder (de verticale as), links en rechts (de horizontale as). Het midden is het punt waar de verticale as en de horizontale as elkaar snijden. Het is in het midden dat rust gevoeld wordt als er balans en evenwicht is in het snijpunt van beide assen. Op de verticale as kan je het hart zien als het midden tussen boven en onder. Boven staat voor het denken, de gedachten- en voorstellingswereld. Beneden staat voor de levenskrachten van het lichaam, de wil met het doen/handelen. Het hart als midden kan in verbinding gebracht worden met het gevoelsleven. Het is gunstig om het denken en het doen/handelen (de wil) in verbinding te brengen met elkaar via het midden, een voelen bij het hart. Voor de mentale, emotionele en fysieke gezondheid is het gunstig als deze harmonisch op elkaar afgestemd zijn. Een eenzijdig doorschieten in denken, voelen, doen heeft als gevolg dat we uit balans gaan. Van nature uit kan je een bepaalde voorkeur bij jezelf herkennen. Ben je eerder een voeler, denker, doener? Kijk je vaak naar beneden, naar boven, naar voor, in de wijdte? Je kan het eens bij jezelf verkennen. Om een evenwicht te vinden, is het gunstig om een onderscheid te maken tussen de verschillende aspecten en ze op een bewuste manier op elkaar af te stemmen. Dit zorgt voor ordening, evenwicht en rust. Stel; je wil een project uitwerken: dan kan je best het denken, voelen en doen ordenen en op elkaar afstemmen. Je begint bijvoorbeeld met het uitwerken van een voorstelling, doorvoelt het en komt tot een praktische uitvoering. Zo kan je het project vanuit de voorstelling en het gevoel opnemen in je hart en het vandaaruit ook mooi vorm geven. Je bent er dan als het ware vanuit je hart mee verbonden. Hetzelfde geldt als je in verbinding gaat met de medemens. Je ziet elkaar en stemt op elkaar af via elkaars gedachten, gevoelens en gedrag die samen de interactie vorm geeft. Je bent dus niet alleen verbonden met jezelf maar ook met jouw omgeving. Er ontstaat een gebalanceerde uitwisseling tussen binnen en buiten. Je bent niet alleen naar binnen gericht in een afsluiting t.a.v. jouw omgeving en ook niet alleen maar naar buiten gericht zodanig dat je jezelf verliest in de omgeving. Bij een gezonde uitwisseling in een relatie tussen mensen is er een uitwisseling en een evenwicht tussen binnen en buiten. Door jouw omgeving waar te nemen ontstaat een centrum in jezelf van waaruit je weer terug naar buiten gaat. Je gaat naar buiten vanuit een verbinding met jezelf en de ander treedt in verbinding met jou waardoor er ook weer iets verandert in de bewustzijnstoestand van jezelf en de ander. Op de horizontale as kan je het hart zien als het midden tussen links en rechts. De uitersten zijn extremen, het voelen van dualiteit tussen extreme polen van voelen. Nemen we sympathie of antipathie. We schieten door in een uitgesproken sympathie of antipathie voor iemand. In feite gaan we dan niet echt in verbinding omdat we in een bepaalde emotie gezogen worden en het overzicht verliezen. Het gaat hierbij niet om ware hartsgevoelens. Het midden vinden binnen die dualiteit overstijgt dit, het positieve en het negatieve worden in verbinding gebracht met elkaar waardoor iets nieuw kan ontstaan. Je ziet elkaar. Echt voelen is rustig vanuit een klare en objectieve waarneming, vrij van oordeel of heftige emoties. Dit geeft rust en evenwicht in de verbinding. Op die manier draagt het hartcentrum bij tot een positief, rustig zelfgevoel vanuit een midden bij jezelf. Als onze harten coherent zijn (hartcoherentie) kan er een rustige en harmonieuze uitwisseling tot stand komen. Dit vraagt een houding van aanvaarding, vriendelijk en mildheid voor jezelf en de ander. Dan kan je elkaar begrijpen en elkaar vanuit warmte ontmoeten. Er is balans tussen geven en nemen, een zachte ademstroom en een liefdevolle connectie. Je bent in het nu, mindful en heartful. Het geeft je telkens de kans om in elk moment in het nu vanuit een nieuw midden te beginnen. Dit kan je makkelijk ervaren in relatie met de natuur, die je de ongecompliceerdheid van het organische proces toont. In de staande halve maan vormen we vanuit de voorstelling een verticale lijn via het lichaam. De verticale lijn loopt van de voeten, over de benen, het bekken, de wervelkolom, over de armen tot voorbij de armen. De voeten staan stevig op de grond, de benen trekken zich aan naar het bekken. Dit zorgt voor stabiliteit en kracht onderaan van waaruit de wervelkolom in een verticale oprichting gebracht kan worden. Je maakt de wervelkolom lang en de oprichting van het middengebied loopt dynamisch door tot in de armen. De schouders, de nek en het hoofd zijn ontspannen zodat de oprichting mooi kan doorlopen tot in en voorbij de armen. Je ademt rustig door en de waarneming is naar buiten gericht. Je ziet de ruimte rondom je (boven en onder, de diepte, links en rechts). Deze open, vrije waarneming zorgt voor een wakkerheid bij het hoofd en een klaarheid bij het gelaat. De wervelkolom met het hart zorgt voor de verbinding tussen de benen, het bekken en het hoofd. Hierdoor ontstaat een fijner gevoel voor het middengebied met de wervelkolom. Het denken, de gedachten (bovenaan de verticale as) en de wil met de levenskrachten (handelen, onderaan de verticale as) worden verbonden via de wervelkolom met het hart. Er is stabiliteit onderaan, een oprichting in het midden met de gevoelens en een vrije, open, lichte waarneming bovenaan. Er ontstaat een rustig zelfgevoel bij het hart dat via fijne gevoelens het lichamelijke en het mentale met elkaar verbindt. Laat de waarneming nog eens glijden over het lichaam, van onder naar boven, en van boven naar onder. Blijf goed doorademen. Je laat je waarneming glijden over de smalle, verticale lijn van het lichaam waarmee je jezelf als het ware optilt uit de zwaarte van het lichaam. Spreid de armen horizontaal opzij en duw het borstbeen een beetje naar voor zodat je het punt tussen de schouderbladen goed voelt. Ontspan de schouders en breng de schouders en de armen een beetje naar achter zodat je meer ruimte en adem krijgt in de borstwervelkolom. Blijf goed doorademen, je opent je voor de ruimte en kijkt in de ruimte. Bij een horizontale spreiding van de armen kan je de waarneming over de armen laten glijden richting het hart. Dit is de beweging van buiten naar binnen die in verbinding kan gebracht worden met ‘ontvangen’. De polariteiten in de omgeving integreren zich tot een centrum in het midden bij het hart. Je verwerkt op een actieve manier de prikkels uit de omgeving tot een midden bij jezelf zodat een evenwichtig en rustig zelfgevoel ontstaat. Hierdoor verlies je jezelf niet in de omgeving en word je er op een gezonde manier door gevoed. Links en rechts verzamelen zich in een midden zodat het zich tot iets nieuw integreert. Als je de waarneming daarna vanuit het hart over de armen laat glijden, is dit de beweging van binnen naar buiten wat je kan ervaren als een ‘gevende’, dynamische beweging. Je beweegt je vanuit een rustig zelfgevoel richting de buitenwereld. De hartgevoelens vanuit een midden worden vrijgegeven in de omgeving zodat je deze vanuit een rust tegemoet kan treden. Je kan eventueel de beweging eens maken waarbij je beide armen richting het hart beweegt. Er ontstaat dan een innerlijke centrering, ‘ontvangen’. Dan kan je de armen weer naar buiten bewegen. Je gaat dan vanuit het midden in de wijdte. Er ontstaat een dynamische beweging weg van het hart naar de omgeving, ‘geven’. Balans en evenwicht vinden tussen geven en nemen, binnen en buiten, boven en onder, links en rechts, geeft rust. Het beeld en de betekenis van de oefening
Het evenwicht is een symbool voor de harmonie van een bovenste tot een onderste pool en voor het evenwicht tussen extreme tegenstellingen. De evenwichtsoefening representeert de inkeer tot een innerlijkheid en rust in het eigen wezen. Voor deze inkeer in het hartmidden kan de samenhang met de wervelkolom, die zich in het opgericht zijn wil ervaren, levendig ervaren worden. Het levendig ontplooide hart schenkt een ontspannen borstwervelkolom. Vanuit een innerlijke rust en een positief zelfgevoel ontstaat verbinding met de omgeving met tegelijkertijd een gevoel van onafhankelijkheid tegenover uiterlijke invloeden. Een eerste zelfgevoel ontstaat en berust op een natuurlijke gewaarwordingsnabijheid tot het eigen lichaam of tot de eigen gevoelens. We beleven het leven in een nabijheid. Het beleven van de opgerichte wervelkolom bij het gelijktijdig bewaren van het rustige evenwicht schenkt een gevoel van innerlijkheid en een aangenaam zelfgevoel. Dit is het ethergewaarworden van het hart, en het opent vanuit de ervaren rust een vrije blik tegenover het denken en de uiterlijke emoties. Zielsbeeld en centrale gedachten van de oefening: - inkeer tot een innerlijkheid en rust in het eigen wezen - innerlijke centrering - leven in nabijheid van het lichaam en gevoelens - een gezond gevoel van eigenwaarde - evenwicht en harmonie - beleven van het leven in een nabijheid – in het hier en nu Uitvoering: - Technisch: hoe de oefening praktisch vormen?
- Waarop letten bij de uitvoering van de oefening? De blik is open, dichtbij jezelf maar niet op 1 punt gefocust. Je ziet de ruimte vrij voor je. De schouders zijn ontspannen De wervelkolom is verticaal opgericht (buigt niet naar voor om het evenwicht te vinden) Het hoofd staat recht en licht op de wervelkolom. Vrije ademhaling (doorademen) Benen horizontaal naar voren gericht. Gevoel dat de oefening teweeg brengt:
Etherkracht: ether-hart gewaarworden warmte, harmonie- en zonnekracht Effect op de gezondheid, wervelkolom, ademhaling:
|
AuthorWrite something about yourself. No need to be fancy, just an overview. Archives
April 2026
Categories |
|
Puur Bewust Zijn
BE 1026.775.880 Els De Beule puurbewustzijn {at} telenet.be 0473 62 68 41 |